Ik ga het doen!
Ja, ik ga het écht doen.
Eén, twee, nú!
Ik hou mijn adem in.
Dan druk ik op de enter-knop. Bestelling voltooid. De online Blogpro cursus van Kitty Kilian opent haar digitale deuren. Ik stap binnen in een omgeving waar ik al jaren van droom, maar waar ik mij nooit eerder in waagde.
Als Alice in Wonderland snuffel ik rond tussen de huiswerkopdrachten, de video’s en het lesmateriaal.
Wat ik zie bevalt me. Tien weken strekken zich voor mij uit. Weken met een duidelijke structuur. Daar hou ik van. Ik blokkeer ze in mijn agenda. Als ik hier elke dag vier uur aan besteed, dan lukt het me binnen de tijdslimiet. Dat raadt Kitty ook aan: dompel je onder in de stof en smeer het niet uit over een half jaar. Als ijverige leerling luister ik naar de juf.
Ik volg Kitty en haar Blogacademie al jaren op LinkedIn. Ik weet dus al jaren dat ze schrijfcursussen geeft. Daarin leert ze je die laatste 20% van het schrijversvak, aldus haar kopregel.
Maar waarom ben ik dan niet veel eerder aan deze cursus begonnen?
Twijfel aan mijn eigen kunnen, want zat ik überhaupt wel op die vereiste 80% aan basiskennis? Dát was mijn belangrijkste reden. Dacht ik.
Loeiduur. Dat was reden nummer twee.
Kitty vraagt een flink bedrag voor haar cursusaanbod. ‘Dan zal ze wel heel goed zijn’, speelde het al die jaren door mijn hoofd. Toch had ik er het geld nooit voor over.
Of hield ik mezelf voor de gek? Verschool ik mij achter die te dure investering, maar was ik diep in mijn hart gewoon bang dat Kitty mijn huiswerk zou neersabelen? Dat ik keer op keer een opdracht opnieuw moest doen van deze strenge blogjuf. En dat ik niet het beste meisje van de klas zou zijn: een ideaal dat ik al vanaf mijn kleuterschooltijd vlijtig nastreef.
Hoe dan ook, ik deed het niet. Ik was wel dapper genoeg om haar boek Stijl aan te schaffen, met 30 schrijftips om teksten lekker leesbaar te maken. Ik verslond het in één middag.
Het A-5 postertje dat bij het boek zat, hing ik links van mijn beeldscherm op de muur:
Elk woord moet vechten voor zijn bestaan

Het staat op een zwart-wit foto van een streng kijkende jaren-50 mevrouw. Met de kin licht geheven en het mantelpak hoog gesloten stuurt ze haar vorsende blik mijn kant op.
‘Ja, jij hebt makkelijk praten’ verzucht ik regelmatig als ik worstel met een zinsconstructie die niet lekker loopt. ‘Help me dan!’
En toen was daar opeens dat blog van Kitty
Ze gaat met pensioen!
Misschien was het haar boekhouder, of haar coach, of haar IT-mannetje, of zij zelf, maar iemand heeft bedacht dat ze haar lesmateriaal kan ombuigen naar zelfstudie cursussen. Dan heeft zij er geen omkijken meer naar. En kan ze toch nog wat verdienen. Slim.
Voor een zelfstudie cursus kun je natuurlijk niet de volle mep vragen. Maar 1/6 van de prijs is echt wel een koopje. Weet ik nu, na week vijf.
Toch zat ook dit keer mijn échte motivatie niet in mijn portemonnee. Die grote korting was leuk, maar de eerste lettergreep van het woord zelfstudie, die deed het hem. Dat betekende: geen strenge juf die meekijkt en oordeelt. Geen guillotine in mijn nek, geen pistool op mijn slaap.
Dus nu struikel ik in mijn eentje voorwaarts
Maar juf Kitty is overal. In de vele uitlegvideo’s. In haar heldere schriftelijke instructies. In haar voorbeeldblogs. Ze grijpt me bij de lurven, schudt me door elkaar en laat me dingen doen die ik nooit deed. Ik schaaf, ik beitel en ik verspijker mijn woorden. Als een spons zuig ik haar instructies op en oefen me wezenloos. Ik volg haar blind. Zelfs als ze in een blog een vergelijking maakt met koud afdouchen, sta ik de volgende ochtend haar ademinstructies uit te proberen.
En ik ben jaloers
Jaloers op al die cursisten die wél het lef hadden een live cursus bij Kitty te volgen. En die wél feedback kregen op hun gezwoeg in dit oefenblog van week vijf.
Daar zou ik nu een maand lang mijn dagelijkse portie Côte d’Or bonbon bloc praliné voor opofferen.
Wat? Zelfs twéé maanden.
Recente reacties